Ik zie het nog zo voor me. Bijna elke donderdag kwam hij aanfietsen en vroeg of ik even tijd voor hem had. En dan vertelde hij me weer hetzelfde verhaal. Dat hij zo’n last had van zijn bovenburen: het lopen op de trap, het spelen van de kinderen en het dichtslaan van de voordeur. Ze praatten al jaren niet meer met elkaar en vroeger waren ze nog wel vrienden geweest. Ze pasten zelfs op elkaars kinderen. En nu had hij geen leven meer. Hij vond dat ik daar iets aan moest doen. Want hij had toch recht op woongenot?

Ik was inmiddels ten einde raad. Ik was al zeker vier keer bij de bovenburen geweest. Een gezin met vier kinderen op een ruime, maar gehorige bovenwoning. Zij waren het geklaag van de buurman zat en wilden niet meer met hem praten. Ze vertelden mij dat ze best rekening met hem hielden, maar ze konden de kinderen toch niet vastbinden?

Er waren geen andere klagers en een rechtszaak wilde ik ook niet beginnen tegen een normaal gezin met vier kinderen. Dus wat kon ik doen?

Huurrecht

De klagende buurman vond dat hij recht had op woongenot. Maar hoe zit het nu precies met dat recht? In het recht is vastgelegd dat mensen wel hinder (last) mogen veroorzaken, maar geen overlast.

Overlast kan in juridische zin worden gezien als een gebrek. Bij een gebrek is de verhuurder verplicht dit te verhelpen, mits het door de huurder is gemeld. Dit betekent dat als een huurder overlast ondervindt van een andere huurder, de verhuurder verplicht is om op te treden. Bijvoorbeeld door te waarschuwen, hulpverlening in te schakelen, een gedragsaanwijzing overeen te komen en, als dit allemaal niet helpt, een gerechtelijke procedure te beginnen om een gedragsaanwijzing of de overlastveroorzaker het huis uit te krijgen.

Maar bij klachten over normale leefgeluiden hoeft dit dus niet. Er is in dit geval geen overlast en dus ook geen gebrek. Woningcorporaties ontvangen  in totaal ruim 50.000 meldingen van overlast per jaar. In ongeveer 500 gevallen leidt dit een gerechtelijke procedure. Dat is dus maar in 1% van de gevallen. De reden hiervoor is, dat verreweg de meeste meldingen niet gaan over ‘echte’ overlast. Vaak betreft het klachten over gewone leefgeluiden, zoals spelende kinderen, een blaffende hond, lopen op de trap, de wasmachine of muziek die hoorbaar is. Ook burenruzies komen vaak voor, waarbij buren elkaar over en weer ‘overlast’ bezorgen.

Als verhuurder kun je daar niet zoveel mee. Natuurlijk is het mogelijk het gesprek aan te gaan en te verzoeken om meer rekening met elkaar te houden. Maar dat kan de klagende huurder zelf ook. En als dit niet helpt, dan zijn er geen mogelijkheden om daadwerkelijk op te treden.

Eerlijk en duidelijk

Het is belangrijk het probleem daar te laten waar het hoort. Klachten over ‘normale’ leefgeluiden moet de huurder zelf bespreekbaar maken met de buren. De corporatie kan hoogstens helpen het gesprek op gang te brengen of bemiddelen. Wat zeker niet helpt is om je als medewerker voor het karretje te laten spannen van één van de partijen. Dit kost je veel tijd en je wekt er valse verwachtingen mee die de echte oplossing niet dichterbij brengen. Als de buren niet bereid zijn om het gesprek met elkaar aan te gaan, kun je als verhuurder niets meer doen. Het is het beste om daar meteen eerlijk en duidelijk over te zijn.

Het duurde bij mij te lang tot ik tot dit inzicht kwam. Ik had mijzelf en de huurder veel tijd en energie kunnen besparen. Uiteindelijk heb ik de man verteld dat ik niet ging optreden tegen zijn buren. Hij was hier erg boos over en kwam nog een paar keer langs om verhaal te halen. Uiteindelijk is hij weg gebleven.

Wil je meer weten over omgaan met last en overlast?

Reageer op dit artikel en ontvang gratis toolkit No. 15: Handleiding omgaan met overlastklachten (pdf).

Aan de slag? Vactor heeft ruime ervaring met het uitvoeren van maatwerktrainingen op gebied van woonoverlast.

Voor Kjenning voeren wij de training Woonoverlast Aanpakken uit.