Het complex bestond uit 4 blokken met kleine eengezinswoningen, die samen een vierkant vormden. Op de binnenplaats waren speeltoestellen en bankjes. De bewonerscommissie drong erop aan om de speeltoestellen te verwijderen, want ze ervoeren overlast van spelende kinderen. Toen ik hen vroeg hoe hun achterban daar over dacht, kreeg ik daarop geen duidelijk antwoord. De bewonerscommissie bestond uit drie mannen die de 70 ruimschoots waren gepasseerd, terwijl de meeste woningen werden bewoond door gezinnen met kinderen…

Bewonersparticipatie is belangrijk en wel om twee redenen. Op de eerste plaats om huurders mee te laten denken over de plannen van de corporatie. Deze gaan hen immers direct aan. Op de tweede plaats gaat goede huisvesting niet alleen over de woning, maar ook over de woonomgeving. En voor een prettige woonomgeving zijn de corporatie en de bewoners samen verantwoordelijk.

Bewonerscommissies hebben hun langste tijd gehad

Wanneer ik medewerkers van corporaties spreek over bewonerscommissies, dan hoor ik vooral frustratie. De laatste jaren is dit alleen maar erger geworden. Leden van bewonerscommissies zijn meestal wit en grijs. De achterban wordt niet goed vertegenwoordigd en het eigenbelang staat vaak voorop. Het overleggen kost veel tijd en energie en levert bar weinig op. Daarbij doet maar een heel kleine groep mee: hooguit 0,5% van de huurders is actief in een bewonerscommissie of huurderbelangenvereniging. Het wordt daarbij steeds moeilijker om nieuwe mensen te vinden. Dat ook niet vreemd. Hoe leuk is het om je aan te sluiten bij een club die vooral vergadert? En is de gemiddelde huurder een vergadertijger?

De conclusie is duidelijk: de oude vorm van bewonersparticipatie voldoet niet meer. Te weinig bewoners worden ermee bereikt of door gediend. Het sluit niet meer aan bij de behoeften en interesses van huurders. Daarbij is het niet meer van deze tijd. Deze tijd vraagt niet alleen om meepraten, maar vooral ook om meedoen. Tijd dus voor een nieuwe manier van bewonersparticipatie die meer mensen aanspreekt en meer oplevert.

Hoe?

  • verwachtingen 

Op de eerste plaats is het belangrijk dat corporaties, veel meer dan nu, duidelijk maken dat zij verwachten dat huurders actief zijn in de buurt. Onlangs ben ik lid geworden van een sportvereniging. Toen ik lid werd, werd mij meteen verteld dat elk lid verplicht is om minstens één keer een avond actief te zijn voor één van de commissies. Zonder actieve leden moet de contributie immers fors omhoog. Dit voorbeeld gaat ook op voor de corporaties. Alleen het betalen van de huur is niet voldoende. Onder meer het schoonmaken van het complex, het verwijderen van zwerfvuil, het onderhouden van gemeenschappelijk groen en toezicht houden moet door huurders worden gedaan, of door hen worden betaald via de servicekosten.

  • veel vormen en smaken

Om het huurders gemakkelijk te maken actief te worden en mee te denken en te praten, helpt het om veel verschillende vormen van participatie aan te bieden. Meepraten kan bijvoorbeeld door lid te worden van een huurderspanel, op een online forum of door een themabijeenkomst te bezoeken. Meedoen kan door actief te zijn als klusjesman, door het groen in de buurt te onderhouden, de schoonmaak van het portiek te organiseren, of toezicht te houden over speelterreinen en andere voorzieningen. Bij onderhoud, renovatie en leefbaarheidsactiviteiten kunnen tijdelijke commissies worden opgericht.

Veel van deze nieuwe vormen van meepraten en meedoen worden nu al succesvol toegepast door corporaties. Het is nu zaak om deze nieuwe vormen prominenter in te zetten en de oude vorm langzaam maar zeker los te laten.

Wil je meer weten over manieren om bewoners te activeren? Reageer op dit artikel en ontvang gratis Vactor toolkit no 28: Activeren in drie stappen. (pdf)

 

Aan de slag? Kijk eens naar onze training Integraal Sociaal Beheer.